Onze Lieve Vrouw Over de Dijle

Leven wij echt in duistere tijden?
Ons milieu gaat eraan want wij zijn met velen die de draagkracht van de aarde op de proef stellen. Onze planeet warmt op, fijne stofdeeltjes krijgen een vrije vlucht, eeuwenoud gletsjerijs smelt en doet het niveau van het zeewater stijgen.  Overal ter wereld neemt de ongelijkheid tussen arm en rijk toe: immense rijkdom  in handen  van enkelen en miljoenen sukkelaars die omkomen van ellende.  Waanzinnige oorlogen. Precisie bombardementen die hun doel missen. Vluchtelingenstromen, kindsoldaten, verkochte en verkrachte meisjes. Mensen, wanhopig op zoek naar een plaats om te schuilen.

Dat er zoveel onrecht, honger en geweld in onze wereld zijn is moeilijk te vatten. En dan? Zullen plechtige verklaringen en indrukwekkende beloften het milieu redden? Neen! Mag de zorg voor eigen welvaart belangrijker worden dan hartverwarmende solidariteit? Neen! Gaan we geweld met geweld bestrijden? Mag onverschilligheid ons pantser zijn om rustig te kunnen overleven?  Dat kan toch niet!   

Hoe moet dit verder?  En wat kunnen wij doen ? Ik denk dat we veel kunnen leren bij diegenen die zich niet verzoenen met wat verkeerd loopt, die niet bij de pakken blijven zitten maar wel opstaan en een tegenstroom op gang brengen. Hun soms kleine stappen worden dan stappen van grote betekenis. Zij zijn geweldloos maar radicaal vernieuwend. En … door wat zij doen brengen zij anderen in beweging.

Is Jezus één van hen? Hij is tegen geweld. En hij past die keuze volgehouden toe in zijn manier van leven, ook als hij gearresteerd wordt. “Steek dat zwaard weg”, zegt hij. Maar hij protesteert. In wat hij vertelt, in wat hij doet, in heel zijn manier van omgaan met medemensen is hij in opstand. Tegen  het onrecht dat zich in het samenleven genesteld heeft en waarvan de zwakkeren, de zieken en diegenen die zondaars genoemd worden het slachtoffer zijn. Hij is niet bang de leiders van het volk aan te pakken. De voorschriften die zij opleggen komen zij zelf niet na. Dat verwijt hij hen in niet misverstane woorden. Hij probeert sukkelaars te helpen. Wie een foute keuze gemaakt heeft krijgt van hem een tweede kans. Hij haalt mensen terug binnen in de kring van samen op weg zijn. Ook op de sabbat als dat, volgens de letter van de wet verboden is. Het zijn misschien allemaal maar kleine stappen. Hij brengt een tegenstroom op gang, waarin een mens niet langer leeft voor zichzelf alleen.

Ik denk dat het scheppingsverhaal hem op het goede spoor bracht. ‘Nu gaan wij de mens maken, zegt God, een mens als een beeld van ons, die op ons gelijkt.’ Die zin is zijn uitdaging: hij wil een mens worden die op God gelijkt, die er voor kiest dat God in hem aan het werk kan gaan. Liefdevol met elkaar omgaan, deugddoende genegenheid van de ene mens voor de andere, van het ene volk voor het andere, vredelievend samenleven stelt hij voor als de banden die mensen met elkaar verbinden. Zijn onbaatzuchtige liefde voor uitgerangeerden, zijn niet aflatende bekommernis voor mensen in nood, zijn trouw aan die levenskeuze zijn de geweldloze wapens die de zijne zijn en die hij aan ons voorstelt. Hij voelt zich goedgekeurd door die scheppende God. Hij voelt zich welkom, voelt zich thuis bij Hem. Hij is niet dood en begraven maar hij leeft. Zijn dood was hemelaal niet het ‘einde verhaal’. Hij werd  ontdekt, gezien met de ogen van het hart door diegenen die met hem onderweg waren geweest. Geleidelijk aan groeide vanuit hun gelovige ervaringen de overtuiging dat zij zijn weg konden gaan. En dat deden zij.

Tot op vandaag kan je hem zien opstaan in al diegenen die ervan overtuigd zijn dat liefde het kostbaarste geschenk is dat mensen aan elkaar kunnen geven. Pasen mag ons met de neus op de feiten drukken. We zijn geen machtige hervormers die in handomdraai een droom van een wereld kunnen aanbieden. Neen! Pasen wil ons uitnodigen op te staan uit wat van ons minder goede mensen maakt, wil ons er aan herinneren dat ook wij moeten opstaan. Elke daad van verzet, van opstand  tegen wat onrechtvaardig is, tegen wat mensonterend is kan een klein lichtje doen branden, een opflakkering van hoop zijn. Pasen roept ons op om niet beschaamd te zijn als we maar kleine stappen zetten.

Tegen de stroom in van ‘als ik het maar goed heb’ kunnen wij licht worden voor wie in de miserie zit, brood delen met wie honger hebben,  troostend meeleven met wie verdriet heeft, oprecht vergeven aan wie ons pijn deed, zonder vooroordelen diegenen verwelkomen die hier een plekje onder de zon zoeken om op adem te komen. We kunnen veel meer dan dat! Ieder met zijn of haar talenten. Laten wij elkaar een Pasen toewensen van gekregen en gegeven kansen, van graag zien en graag gezien worden, van nieuw leven. Een ZALIGE feestdag om van te genieten en van na te genieten.